Bescherming van de gezinswoning tussen echtgenoten
De gezinswoning vormt het centrale woonpunt van het gezin.
Om de stabiliteit van het gezin te beschermen, voorziet het Burgerlijk Wetboek een bijzondere regeling voor de woning waarin het gezin zijn hoofdverblijf heeft.
Waarom wordt de gezinswoning beschermd?
De gezinswoning vervult een essentiële functie binnen het gezinsleven. De woning vormt niet alleen een vermogensbestanddeel, maar ook de plaats waar het gezin woont, leeft en zijn dagelijks leven organiseert.
Wanneer één echtgenoot alleen zou kunnen beslissen over de verkoop, schenking of bezwaring van de gezinswoning, kan dit ernstige gevolgen hebben voor de andere echtgenoot en voor de kinderen.
Om deze reden bepaalt de wet dat bepaalde handelingen enkel kunnen worden verricht met instemming van beide echtgenoten.
Bescherming van de eigendom van de gezinswoning
Een echtgenoot kan niet alleen beschikken over het onroerend goed dat het gezin tot voornaamste woning dient.
Zonder instemming van de andere echtgenoot mag een echtgenoot niet:
- de gezinswoning verkopen of schenken;
- de woning met een hypotheek bezwaren;
- het huisraad dat zich in de gezinswoning bevindt verkopen of schenken;
- het huisraad in pand geven.
Deze bescherming geldt ook wanneer de woning juridisch eigendom is van slechts één van de echtgenoten. De wet wil hiermee vermijden dat de andere echtgenoot zonder woonzekerheid achterblijft.
Wat als een echtgenoot toestemming weigert?
Wanneer de instemming van de andere echtgenoot vereist is, maar zonder gewichtige reden wordt geweigerd, kan de betrokken echtgenoot zich wenden tot de familierechtbank.
De familierechtbank kan in dat geval een machtiging verlenen waardoor de handeling alsnog kan worden uitgevoerd.
Op die manier wordt vermeden dat een echtgenoot een beslissing blokkeert zonder geldige reden, terwijl tegelijk de bescherming van het gezin behouden blijft.
Bescherming van de huur van de gezinswoning
Wanneer de gezinswoning wordt gehuurd, voorziet de wet eveneens een bijzondere bescherming.
Het huurrecht van de gezinswoning behoort automatisch aan beide echtgenoten gezamenlijk, zelfs wanneer de huurovereenkomst slechts door één echtgenoot werd gesloten of reeds vóór het huwelijk bestond.
Deze regeling moet voorkomen dat één echtgenoot alleen de huur opzegt of andere belangrijke beslissingen neemt over de woning.
Kennisgevingen en opzegging van de huur
Alle opzeggingen, kennisgevingen en gerechtelijke documenten met betrekking tot de huur van de gezinswoning moeten worden:
- gericht aan beide echtgenoten afzonderlijk, of
- uitgaan van beide echtgenoten gezamenlijk.
Hierdoor wordt gegarandeerd dat beide echtgenoten op de hoogte zijn van elke belangrijke beslissing met betrekking tot de woning.
Geschillen over de gezinswoning
Wanneer tussen echtgenoten een geschil ontstaat over de uitoefening van het recht op de gezinswoning of over de huur van de woning, wordt dit geschil behandeld door de familierechtbank.
De rechtbank kan dan een beslissing nemen die rekening houdt met de belangen van het gezin.
De informatie via evocaat.be verstrekt is geen juridisch advies over specifieke juridische problemen. Evocaat.be is niet verantwoordelijk of aansprakelijk voor enige schade die veroorzaakt wordt door gebruik van deze informatie. Voor persoonlijk juridisch advies dient u een advocaat te contacteren.